Let’s Salsa: veel liefde, kraakverse pepers en een knipoog

Let de Jong is Nederland aan het veroveren met haar hot sauces. Ze liep stage bij tacofoodtrucks in Los Angeles en leerde volgens oude familierecepten hot sauces en taco’s maken. Haar hot sauces
 kom je steeds vaker tegen bij hippe restaurants en supermarkten. En het afgelopen jaar waren Let’s salsa’s het onderwerp van gesprek in een tv aflevering van het programma ‘Koken met van Boven’ en ‘Binnenste Buiten’.

Culinair soulsearchen

De Jong is een goedlachse verschijning met een enorme krullenbos. We hebben afgesproken in haar inspirerende ‘laboratorium’. Zij is gevestigd in een gemeenschappelijke kookwerkplaats, waar ook andere lokale startende food ondernemers zijn gevestigd. Hier bedenkt, test en produceert de Jong haar hot sauces. Vier jaar geleden was ze nog vormgever tot ze een jaar een pauze nam om te soulsearchen.

“Ik denk de hele dag door aan eten. Vroeger was ik niet geïnteresseerd in eten. Pas na mijn studententijd begon ik met ontdekken”.

Het begin van het Let’s salsa avontuur

“Ik was aan een pauze toe, wilde verkennen welke richting ik op wilde met mijn leven. En ik denk de hele dag door aan eten”, lacht de Jong. “Vroeger was ik niet zo geïnteresseerd in eten, pas na mijn studententijd begon ik met ontdekken. En na jaren als vormgever gewerkt te hebben, besloot ik een jaar pauze te nemen. Ik wilde meer over de Mexicaanse keuken leren, in Mexico of Californië. Het werd de laatste. Daar was ik al vaak geweest en ik vond het leuk dat de fusionkeuken, zoals de Frans-Californische, de Koreaans-Californische en de Mexicaans-Californische keuken daar al heel populair was”. En toen begon Let’s ‘salsa avontuur’.

Foodtruck stagiair

“In Los Angeles liep ik een maand stage bij diverse foodtrucks. Het bleek lastig om afspraken te maken dus ik ging heel spannend op de bonnefooi. De chef van de eerste foodtruck was bang dat ik er vandoor zou gaan met zijn recepten, dus niet erg scheutig met het delen van zijn kennis. Wél stelde hij mij voor aan alle foodtruck eigenaren en de deuren openden zich. Zo liep ik ook stage bij chefkok Wes Avila, een Mexicaanse chef met Frans culinaire scholing én ‘godfather van het foodtruckconcept’. Om vergunningen te omzeilen stond Wes in het begin elke dag met zijn truck op een andere plek en liet hij via social media weten waar mensen die dag zijn taco’s konden eten. Rijen mensen stonden en staan nog steeds elke dag voor zijn foodtruck.

De dagen waren lang en intensief, maar heel inspirerend en leerzaam. Ik liep mee met diverse foodtrucks. Soms stond ik met een hele familie in de keuken. Bij Carnitas El Momo, beroemd vanwege de vleesvulling, begon grootvader Momo om drie uur ‘s ochtends met het uitbenen van het varken voor de ‘carnita’s’, de vleesvulling. Om vier uur kwam de jongste zoon om hem te helpen en zijn dochter kwam om vijf uur binnen om de hot sauces te maken. En ga zo maar door. Op een gegeven moment stond de hele familie eten te maken. Echt fantastisch.”

Een ongeorganiseerd succes

Terug in Nederland sprong de Jong in de niche van de hot sauces markt. Ze kocht een foodtruck en een gemotoriseerde bakfiets om foodfestivals af te gaan. “De bakbrommer, daar ben ik heel trots op, die vind ik geweldig. Als ‘ie het doet”, schaterlacht de Jong. “Mijn eerste foodfestival, ‘Amsterdam Kookt’ op het NDSM terrein, was één van de mooiste momenten. Alles was heel amateuristisch opgezet. De bakbrommer bleek veel te klein en de inrichting zag er zo slecht uit dat de organisatie suggereerde dat het wellicht een idee was om alles af te schermen. Halverwege de dag was alles op en moest alles vliegensvlug bijgemaakt worden. Ik stond met mijn vrienden, wat het extra leuk maakte. We deden maar wat, maar het was een ongeorganiseerd succes. Het was ook de sensatie van een eerste keer.”

Inmiddels doet de Jong nauwelijks meer festivals, wel catering. “Festivals zijn heel leuk, maar de wereld is veranderd. Ik heb het idee dat mensen niet meer echt voor het eten naar foodfestivals komen. Mensen komen naar een festival voor de gezelligheid, om een biertje te drinken en muziek te luisteren. En als ze willen eten, eten ze een hamburger. Maar ze komen niet meer speciaal voor die ene truck.”

Salsa met een knipoog

Inmiddels is haar bedrijf een goed lopend streetfoodbedrijf en haar product is hot sauce. In totaal heeft Let achttien hot sauces ontwikkeld. Deze zijn bestemd voor de verkoop maar er zijn ook specials voor restaurants of bedrijven, zoals Louie Louie in Amsterdam, de Mexicaanse restaurantketen Popocatepetl, the Coffee Company, het brillenmerk Ace &Tate. Alle smaken bedenkt, test en produceert Let zelf. De smaken zijn origineel en de sauces hebben speelse namen: ‘Explosive Pineapple’, ‘Smokin Bell Pepper’. Gebotteld in een charmant flesje en door de Jong zelf vormgegeven met illustraties met een knipoog. Haar beeldmerk is een illustratie van haarzelf met haar enorme krullenbos. Een van haar favoriete illustraties is die van de non op de ‘Holy Black Bean’.

Elke hot sauce heeft een eigen illustratie en een eigen naam. De Jong doet alles zelf, van hot sauce ontwikkeling tot vormgeving. Er is één andere Nederlandse hot saucemaker, maar de Jong is heel eigen en origineel.
Haar merk is in drie jaar tijd volwassen geworden en inmiddels omgedoopt tot Let’s Salsa. Ze vindt het belangrijk dat de merknaam haar inmiddels ontwikkelde product representeert. “Ik heb lang over de naam getwijfeld. Eigenlijk vind ik het tuttig om je eigen naam in een merk terug te laten komen. Maar Let’s Salsa is een sterke naam die mijn product qua inhoud en vibe goed representeert en ik laat het zo.”

Laboratorisch koken

“Ik word heel blij als alles klopt en de smaak, naam en illustratie een mooi geheel zijn geworden. Daar krijg ik een kick van.”
De Jong kookt haast laboratorisch. Ze test hoe de ingrediënten reageren en smaken in combinatie met andere ingrediënten en hoe houdbaar ze zijn. Zo heeft ze de ‘Beetroot Dill’ sauce uit productie moeten halen. Deze hot sauce gemaakt van bieten, honing, peper en mierikswortel verkleurde. Dit kwam door de reactie van de biet in combinatie met de andere producten. “Het bedenken en testen van de hot sauces vind ik het leukste in het proces. Ik word heel blij als alles klopt en de smaak, naam en illustratie een mooi geheel zijn geworden. Daar krijg ik een kick van.”

Duurzaamheid en kraakverse pepers

De Jong gebruikt ingrediënten die anders weggegooid zouden worden, ook gebruikt ze het hele product. Niets wordt weggegooid. Zo gebruikt ze bijvoorbeeld hele ananassen inclusief schil en kruiden inclusief steeltje. Bij het inmaken van habaneropepers in zeezout vangt ze het vocht op in een bak. Deze habanero’s gebruikt ze voor hot sauce. Het zeezout en vocht, met ingetrokken habanerosmaak, gebruikt ze ook.

“Ik vind het belangrijk dat wat ik doe duurzaam is. Ik verkoop bijvoorbeeld ook een recyclekit, waarbij de hot sauceflesjes omgetoverd kunnen worden tot zeepflesje. Ik zoek nog een goede oplossing voor de verpakkingen. Nu gaan de verpakkingsdozen en het glaswerk naar aparte containers, maar ik ben van mening dat dat beter kan.”
En de spice? “De pepers moeten kraakvers zijn. Van Westland Pepers, de grootste peperteler van Nederland. Zij telen de meest uiteenlopende pepers in hun kassen. En als er een unieke peperpartij Nederland binnenkomt, dan ben ik er als de kippen bij. Gelukkig zijn er niet veel kapers op de kust.”

Dromen van een eigen productiekeuken en tacostand

Let heeft veel ambities, maar niet om enorm groot te worden. Een eigen tv programma zoals Yvette van Boven heeft ligt niet in de planning. “Nederland veroveren met mijn 
product heeft een plafond, maar ik ben er nog niet. Het is natuurlijk geweldig dat ik zo een mooie kans kreeg om met Let’s Salsa als ‘onderwerp’ te dienen in onder andere het tv programma ‘Koken met van Boven’. Daarmee heb ik natuurlijk wel een bredere doelgroep bereikt en dat helpt me in mijn droom te verwezenlijken. Maar uiteindelijk gaat bij mij kwaliteit boven kwantiteit.”

Our Sweet Potato Tacos

A post shared by Let's Salsa (@letssalsa.amsterdam) on

Momenteel is de Jong bezig een eigen productiekeuken met opslag op te zetten, waar ze alles bedenkt, bereidt en test. En haar grootste droom? “Een productiekeuken met een kleine tacostand. Alles komt dan samen: er wordt bedacht, geproduceerd en gegeten. Maar eerst mijn eigen productiekeuken. Dat vind ik heel spannend, een grote stap, omdat ik nu mijn gehuurde ruimte en leveranciers met een kort opzegtermijn kan opzeggen. En dat kan dan niet meer. Maar wat begonnen is als mijn hobby, is nu mijn vak en daar hoort een eigen ruimte bij.”

Op de laatste vraag wat haar lievelingseten is schaterlacht ze weer “Ik vind alles lekker, het is echt vreselijk. Maar Mexicaans is mijn sociaal wenselijke antwoord.” Wij kijken uit naar de Let’s Salsa hub met deze goedlachse gastvrouw.

Deel dit artikel:
Pin It

Leave a Reply

Your email address will not be published.